Menu Sluiten

Interview

Onze vrijwilliger Nas heeft Luis en Karin Cabrera geïnterviewd. Lees hier het interessante verhaal.

Colombiaanse Kruidenwonderen deel 1

Een tijdje terug mocht ik Luis en Karin Cabrera interviewen. Luis Fidel Cabrera is jaren geleden in Colombia afgestudeerd als bioloog en heeft in Nederland de opleiding milieubiologie aan het HBO en de Universiteit gedaan.

Tegenwoordig zet Luis zich in als Docent Spaans bij ‘Si Senor’. Deze taalschool is door hem opgericht. Maar zowel Luis als Karin houden hun verbinding met de natuur. Luis vertelt: ‘Wij blijven op diverse manieren betrokken bij de natuur. Als een leerling van de taalschool een kind krijgt, planten we een boom in Ipialis te Colombia. Het is een traditie die we graag in ere houden. Op deze manier geven we ook weer iets terug aan de natuur, wat ook erg belangrijk is.’

Luis heeft elke zaterdag een milieu-educatief programma op de lokale radio omroep in Ipiales. Hierin bespreekt Luis o.a. de klimaatveranderingen en onze milieu-verantwoordelijkheden. ‘Ik gebruik Almere in Colombia vaak als voorbeeld als het gaat om een goede balans tussen wonen en natuur’. Drie jaar geleden is Luis onderscheiden met een speld, door Growing Green Cities, vanwege de verbinding die hij legt tussen Almere en Zuid-Amerika. 

En laten we ons verhaal daar beginnen..in Zuid-Amerika en nog specifieker..Colombia. Want het Almeerse (on)kruid die voor de verbinding zorgde tussen ons en Luis en Karin, groeit zowel in Nederland als Colombia. In Colombia weliswaar niet zo veelvuldig als hier en zeker niet zonder gezien te worden…echt gezien te worden. Menig van ons lopen er namelijk vaak voorbij. In onze achtertuinen wordt dit kruid tijdens het onkruid wieden gegarandeerd uit de grond getrokken. Kinderen waarderen dit kruid vaak meer. Vooral in het najaar, wanneer er wensen mee gedaan worden. 

Ontzettend nieuwsgierig naar Luis’ verhaal over dit kruid, besluit ik meteen met de deur in huis te vallen. 

Luis, kan je mij meer vertellen over dit super kruid?
‘Ja natuurlijk’ zegt Luis vriendelijk. ‘De Latijnse naam van de paardenbloem is Taraxacum officinale. In Colombia wordt de paardenbloem ook wel ‘sana lo todo’ genoemd, wat allesgenezer betekent. Je kan de bloemen, bladeren en de wortel gebruiken. Een andere Spaanse naam is ‘amargón’, wat bitter betekent. Maar wij zeggen vaak, hoe bitterder een kruid, des te geneeskrachtiger deze is. Luis begint te lachen. Kinderen knijpen hun neus ook altijd dicht als ze de paardenbloemwortel toegediend krijgen.’ 

Wat bijzonder! Groeide de paardenbloem van origine in Latijns Amerika?
‘De paardenbloem komt oorspronkelijk niet uit Latijns Amerika. De flora en fauna in Latijns Amerika is anders dan hier in Nederland. De paardenbloem is in Latijns Amerika terechtgekomen door de Europeanen. De paardenbloem is waarschijnlijk meegereisd met het gras dat voor de koeien werd geïmporteerd. Zo’n 300 jaar geleden toen de veehouderij begon. Maar de kracht van de paardenbloem werd al snel ontdekt.’

Hoe kwam jij erachter dat de paardenbloem geneeskrachtig is? 
‘Dit heb ik van mijn moeder geleerd. Toen ik in Colombia woonde heb ik mij ook regelmatig tot de  paardenbloem gewend voor de geneeskracht ervan. In Latijns Amerika kom je de paardenbloem zelden tegen. Het hangt er ook vanaf waar je zoekt. In de Andes kan je de paardenbloem bijvoorbeeld beter vinden.’

Wat zijn je jeugdherinneringen aan de paardenbloem?
‘Wanneer we als kind de paardenbloem tegenkwamen dan werd deze meteen geplukt om naar mijn moeder te brengen. Alles van de plant werd meteen gebruikt of bewaard. De wortel is heel bitter, dus dit kreeg ik echt als medicijn of als ik extra energie nodig had. De paardenbloemwortels worden in Colombia ook ingezet bij verzwakte kinderen (die vaak ziek worden). Het is niet wetenschappelijk bewezen dat dit zou werken, althans niet dat ik weet. Maar het is een bekend gebruik in Colombia. De wortels van de paardenbloem zijn niet zo hard, dus gemakkelijk te stampen met een vijzel bijvoorbeeld. Deze kunnen vers of droog gestampt worden, maar vers is naar mijn mening beter.’ Luis verteld er lachend bij: ‘Ook ik heb hier als kind aan moeten geloven, inmiddels ben ik de smaak gewend, maar het blijft bitter.’
‘Van het blad trekken we thee of we verwerken deze rauw door de salade. Het blad wordt voornamelijk gebruikt om te ontgiften omdat deze bloedzuiverend werkt. 
De bloem geeft een bepaalde aroma af. Dus deze werd vaak toegevoegd aan een lokale drank genaamd Aguardiente. Na de toevoeging liet je de drank dan even intrekken voordat deze opgedronken werd.’ 

Inderdaad een superkruid zeg…
Karin geeft een mooi voorbeeld van de geneeskrachtige werking van dit kruid. ‘Een vriend van ons had enorm last van acné. Samen met andere vrienden hebben we bladeren verzameld voor hem en hij heeft hier een tijdje thee van gedronken. Na circa 1 maand was de acné voor een groot deel verdwenen.’ Luis vult aan: ‘Met planten moet je ook geduld hebben, het werkt als je er de tijd voor neemt.’ 

Herinner jij je nog meer natuurverhalen van vroeger?
‘Ik kan vertellen over een verhaal wat mijn moeder mij vroeger vertelde uit eigen ervaring. Mijn moeder had een straatpoes gevonden en nam deze mee naar huis. Maar eenmaal thuis kwam ze erachter dat de poes vol zat met vlooien. Omdat de poes erg in trek was bij de rest van het gezin, had de poes al op ieders bed geslapen en met alle gezinsleden geknuffeld. Alle bedden van mijn broers en zussen waren voorzien van vlooien! Mijn moeder was goed op de hoogte van de werking van enkele planten dus zij ging opzoek naar Pispura. Deze plant heeft mijn moeder onder de bedden van mijn broers en zussen gelegd en binnen twee dagen waren de vlooien verdwenen! De plant bevat o.a. nicotine en kan dus als een soort insecticide gebruikt worden.’

Gebruik jij deze oude wijsheden ook nog?
‘Jazeker’ Karin en Luis moeten beiden lachen. ‘Als wij bijvoorbeeld mieren hebben dan gebruik ik steranijs’ verteld Luis. ‘Deze plaats ik bij het nest, vaak onder een tuintegel. Al gauw merk je dan dat de mieren weg zijn. Knoflook of kruidnagel werken ook erg goed.’ Karin vertelt dat mieren niet tegen de geur kunnen en de weg naar ‘huis’ vaak niet meer kunnen vinden dus elders een nieuw huis bouwen. 

Ik ben helemaal ‘hooked’ aan jullie verhalen..en één en al luisterend oor…
‘Haha we hebben nog wel meer huis-tuin- en keukenweetjes’ verteld Luis. ‘Mijn moeder gebruikte bijvoorbeeld koffieprut als iemand een wond had. Koffieprut op de wond, pleister erover en na 2 dagen was de wond genezen. Zo kun je met fruit ook erg veel bewerkstelligen. Bijvoorbeeld met de pitten van de maracuja (passievrucht), die vaak weggegooid worden. Tegenwoordig weet men dat de pitten een stofje bevatten die goed is voor het hart, hoewel dit nog steeds wordt onderzocht. En papaja pitten worden bijvoorbeeld toegevoegd in de pan om het vlees malser te maken. Het is ook een duurzame manier van koken. Je gebruikt minder energie, omdat het vlees dus sneller gaart.’ Karin vult aan: ‘Papaya pitten maken de huid ook zachter. Deze verse pitten smeer je uit over je huid, niet te lang want het is redelijk bijtend. Maar na het afspoelen van de huid, voelt deze direct zachter. ‘

Luis gaat verder ‘Knoflook en citroen staan bovenaan de lijst van geneeskrachtige kruiden en zijn over het algemeen best bekend. Zo wordt de citroen vanwege de zuurtegraad gebruikt bij bewaring van voedsel. 
En ook de eucalyptusboom, die oorspronkelijk uit Australië komt, kent veel geneeskracht. Boerderijen zijn vaak donker en vochtig en hierdoor is de kans op schimmels groter. Een bekend gebruik onder boeren is de samenstelling van eucalyptus en citroen wat luchtzuiverend werkt en dus schimmels tegengaat. ‘

Wat een bulk aan kruidenkennis hebben jullie! Springt er voor jullie één kruid uit?
Karin en Luis kijken elkaar lachend aan. ‘Dat is toch echt de paardenbloem, die we thuis ook veel gebruiken. Samen met kamille. Hier drinken we bijvoorbeeld vaak thee van.’

Thee! Heerlijk, vooral tijdens de koude dagen. Waar trekken jullie in het najaar thee van?
‘Van onder andere kruidnagel en kaneel bijvoorbeeld. Citroen, brandnetel, sinaasappelschillen en munt. Verse kurkuma samen met gember is ook een lekkere verwarmende combinatie.’ 

De natuur is zo bijzonder, ik besef dit ook steeds meer. ‘Onkruid’ wieden gaat al niet meer vanzelfsprekend, wieden jullie wel?
‘Nee wij laten heel veel eigenlijk groeien en krijgen nog steeds veel complimenten van bijvoorbeeld leerlingen: ‘Wat mooi en al die gekleurde bloemen.’ We moeten dan altijd lachen, want er staat dus eigenlijk heel veel ‘onkruid’.’

Wat zou moeder natuur voor boodschap hebben aan ons?
Karin: ‘Pluk wat je nodig hebt en niet meer dan dat, niet voor mooie sier, niet om rijk te worden. Luis vult aan: ‘En geef ook terug..’

Ik hoop dat je net als mij naast geïnformeerd ook geïnspireerd bent.. Waar ben jij dankbaar voor in de natuur? En is er iets wat je vandaag al (terug) zou kunnen geven aan de natuur? Een tip van ons: denk vooral niet te groot..

Kruidige groet,

Nashaira van de KruidenReus